In gesprek met Stan Verstegen

 

“We kunnen niet zien, maar we praten in muziek.”

 

Zeventien jaar en al precies weten wat je wil worden. Bíjna precies dan. Stan Verstegen wil

‘iets in de muziek’. Of het de piano gaat worden of de saxofoon, dat weet hij nog niet. Stan Verstegen is blind, maar heeft daarentegen wél een absoluut gehoor.

 

Wie is Stan Verstegen?

“Ik ben zeventien jaar, honderd procent blind, maar ik zit sinds dit jaar op het regulier onderwijs. En dat bevalt ontzettend goed. Ik heb eerst op een blindenschool gezeten in Grave. Ik heb daar mijn diploma VMBO gehaald en ben nu naar HAVO-4 gegaan. Het is trouwens wel een grote stap. Wennen voor mij, mijn klasgenoten en de docenten.

Ik kwam de eerste dag samen met een leraar de klas binnen. Alle leerlingen zaten druk te kletsen. Toen ik binnen kwam werd iedereen stil. Dat voelde wel even ongemakkelijk. Maar dat wende snel. Ik kan terugvallen op een begeleider in Grave en op school heb ik wekelijks een gesprek met mijn zorgcoördinator.”

 

Heb je op school nog hulpmiddelen?

“Ja, ik heb allemaal digitale boeken, een laptop dus met speciale software. Ik maak dan gebruik van braille en gesproken teksten. Afbeeldingen zijn wat lastiger. Dan moet ik het hebben van omschrijvingen. En ook met wiskunde moeten er hulpmiddelen gebruikt worden. Ik merk wel dat ik nu veel meer huiswerk heb dan op mijn vorige school en het tempo ligt hoger. Ik heb onlangs de eerste proefwerkweek gehad en het ging heel redelijk.”

 

Je klasgenoten zitten in de pauze allemaal te appen zeker, is dat niet vervelend?

“Ik heb ook een smartphone hoor. Maar ik gebruik hem niet op school. Ik vind het veel leuker om in de pauze te kletsen met de anderen. Ik heb een vast groepje. Op mijn telefoon is een spraakprogramma geïnstalleerd. Het toetsenbord ken ik blindelings natuurlijk en de spreeksnelheid kan ik regelen.
Ik kan gewoon internetten. Als ik bijvoorbeeld naar Kliknieuws ga, laat ik de tekst van een artikel voorlezen.”

 

Ben je altijd blind geweest?

“Eigenlijk wel. Ik heb de eerste tien jaren nog een paar procent gezien met één oog. Dat zijn de enigste beeldherinneringen, die ik heb. Ook herinner ik me nog kleuren uit die tijd. Maar nu ben ik totaal blind. Mijn gehoor, mijn gevoel en mijn geheugen zijn wel sterker ontwikkeld denk ik.”

Judith Verstegen, de moeder van Stan vertelt dat hij al met acht weken in het medisch circuit kwam. Dat jaarlijks twintig mensen met deze oogziekte worden geboren. Maar meestal aan één kant. Stan heeft de pech, dat beide ogen aangetast zijn.

 

Ik hoorde dat je ooit naar voetbal gaat kijken?

“Kijken is misschien niet het goede woord. Ik beleef het voetbal. Tegenwoordig hebben de meeste stadions een blindentribune. Ook als het Nederlands elftal moet spelen.
Je krijgt dan speciale plaatsen en een koptelefoon op. In het stadion zitten twee extra verslaggevers, die voor ons alles uitgebreid verslaan. Niet alleen de spelsituaties, maar ze vertellen over tenues, schoenen of kapsels van de spelers. Zodoende weten wij het ook als iemand dreadlocks heeft of knalgele schoenen. Het is superleuk, echt een belevenis. Maar ik ben wel fan van PSV hoor.”

 

Sport je zelf ook?

“Ik doe aan atletiek. Meestal is dat hardlopen op de baan, maar we doen ook mee aan evenementen en wedstrijden. Bijvoorbeeld een crossloop in de bossen. Ik loop dan met een buddy. We houden ieder een eind van een koord vast.
Ik heb intussen ook kennis gemaakt met skiën. Ook heel leuk, maar dat heb je niet zomaar onder de knie.”

 

Maar je grote liefde is muziek?

Moeder Judith Verstegen vertelt dat Stan al op vierjarige leeftijd heel goed op een mondharmonica speelde.

Hij beschikt over een absoluut gehoor. Toen hij zes jaar was, ging hij piano spelen.

Stan: “Ik hoop dat ik later in de muziek verder kan. Ik speel eigenlijk alles uit mijn hoofd. In de lichte muziek kan dat goed. Maar toch heb ik les gehad in het braillenotenschrift. Dat kan altijd van pas komen, bijvoorbeeld bij grote klassieke muziekstukken. Gelukkig was er in Grave een muziekdocente, die muzieknoten kan vertalen in braille.
Die mensen zijn zeldzaam. Net zo zeldzaam als mijn pianoleraar. Die is namelijk zelf ook blind. Het is Bert van den Brink, een internationaal bekende jazzpianist. Via de Jong Talentenklas kwam ik met hem in contact. Nu ga ik maandelijks naar hem voor de les. Ik heb een keer een week gelogeerd bij hem. Het was geweldig om elke dag samen muziek te maken. Het maakt niet uit dat we niet kunnen zien. We praten in muziek.”

 

Maar je bespeelt nóg een instrument?

“Ja, dat is de saxofoon. Ik zit op de vooropleiding voor het conservatorium in Tilburg. Wekelijks oefen ik in een ensemble en krijg muziektheorie. Elke twee weken heb ik saxofoonles. En als ik straks moet kiezen met welk instrument ik verder ga, dan zal dat nog moeilijk worden. Ik weet het nog niet, ik veronderstel dat de piano meer mogelijkheden biedt.”

 

Heb je al ooit opgetreden?

“Ik heb een keer op uitnodiging van Roel van Velsen mogen spelen in de foyer van de Heineken Music Hall. En toen ik onlangs speelde op de verjaardag van mijn oom in een restaurant, kwam de manager luisteren. Hij was zo enthousiast, dat ik nu twee keer per maand op zaterdagavond mag komen spelen voor de gasten. Ik merk aan de reacties dat mensen het mooi vinden. Maar het is dan weer jammer dat ze mij niet zelf aan durven spreken. Ze zeggen tegen mijn zus ‘wat speelt hij goed’. Dat kunnen ze ook tegen mij zeggen, ik ben toch niet onzichtbaar!”

 

cv

Stan Verstegen is 17 jaar en woont in Uden.

Vanwege zijn visuele handicap volgde hij de basisschool bij Visio in Grave.

Ook de VMBO heeft hij in Grave gevolgd. Zijn hobby’s zijn atletiek, maar vooral muziek. Hij speelt piano en saxofoon. Liefst funk en jazz. Na de HAVO wil hij naar het conservatorium.